Wielrenmeisje Saskia beklimt de Mont Ventoux

Niet gebonden zijn aan de openingstijden van een sportschool, lekker buiten zijn, samen op pad gaan en de mooiste plekken bezoeken… wielrennen heeft het allemaal! Mijn vriendin Saskia is sinds enkele maanden totaal verkocht aan de wielersport. Op haar sites wielrenmeisje.nl deelt ze haar nieuwe passie en geeft ze andere startende dames tips en tricks.

Wielrenmeisje Saskia vertelt over het beklimmen van de Mont Ventoux:

De Mont Ventoux is een klassieker vol historie. Afgelopen weekend beklom ik de Ventoux twee keer. Lees je mee?

Zeven uur ‘s ochtends, in een huisje aan de voet van de Mont Ventoux. Knisperend stokbrood, kaas en stukken meloen op tafel. Een bij elkaar geraapt gezelschap. Collega’s die tijdens een lunchpauze hadden bedacht om eens omhoog te klimmen, een vriendin die wel mee wilde, een vader die nog vóór zijn zeventigste de Mont Ventoux wilde beklimmen. De één ongetraind, de ander met vele kilometers in de benen. Het maakte niet uit, iedereen was van plan om vandaag een heldenverhaal te schrijven. Nog een bandje oppompen, een extra reepje in het achterzakje, een laatste check van de remmen…

On y va!

We reden een extra rondje om de fontein in Bédoin, zoals het hoort, en toen begonnen we aan de klim. Thuis had ik de stijgingspercentages van de Mont Ventoux bestudeerd. De eerste zes kilometer valt mee, 2% tot 6%, maar daarna komt het Bos. Dan wordt het pas echt steil.

Wielrenmeisje Saskia: de Mont Ventoux beklimmen

Het begon niet goed. Mijn spaak maakte een tikkend geluid. Ik deed alsof ik het niet hoorde en reed door, een en al focus. Het getik bleef aanhouden en ik besloot om toch maar af te stappen. Ik controleerde iedere spaak, maakte het wiel los en zette het weer vast, liet de trappers wat draaien, maar niets hielp. Dan maar doorfietsen, er zat niets anders op. Inmiddels was de rest van de groep doorgefietst in hun eigen tempo. Er zat nog geen vijf kilometer op, en ik was al alleen! Mijn gevecht met de berg was begonnen.

Het was nog vroeg, maar het begon al goed warm te worden. Er stond een bordje: Forêt Domaniale De Beaumont-du-Ventoux. Ja hoor, daar was het Bos! Het was er steil, vochtig en warm. Ik keek onder mijn arm door naar mijn derailleur en mijn achterwiel. De tik bleef aanhouden, maar er leek verder niets aan de hand te zijn. Wel had ik geen tandwieltje meer over. O, wat had ik er spijt van dat ik geen 11/32 op mijn fiets had gezet! Mijn hartslag kroop omhoog naar 170. Ik had me voorgenomen om mijn hartslag onder mijn omslagpunt te houden (173), en dat lukte aardig. Ik was zelfs nog in staat om een filmpje op te nemen…

Hoe ik er uit ziet na de laatste meters Mont Ventoux op sprinten … 🤣 #kapot #trots

A post shared by Saskia van Dijke (@wielrenmeisje) on

Ik passeerde fietsers, en andere fietsers passeerden mij. Ik bleef optimistisch en riep telkens: “Bonjour!” Ik raakte aan de praat met een student, die me hijgend vertelde dat hij tijdens een kroegavond met vrienden had bedacht om de Ventoux te beklimmen. Halverwege het bos al waren zijn vrienden uit ellende in de volgauto gestapt en stond hij er alleen voor, zei hij. Zijn voet schoot uit zijn klikpedaal en even dacht ik dat hij om zou vallen. Op miraculeuze wijze wist hij zijn evenwicht te behouden en met schaamrood op zijn kaken spurtte hij verder de berg op, weg uit mijn gezichtsveld. Ik hield vast aan mijn eigen tempo. Even later passeerde ik één van mijn fietsbuddy’s, die met een gepijnigd gezicht omhoog slingerde. In het Bos ben je nooit alleen. Ik was omcirkeld door duizenden vliegjes, die me tot het einde van het bos vergezelden en in mijn oren zongen. Er leek geen einde aan te komen.

Ik herinnerde me dat iemand tegen mij had gezegd dat ik naast het afzien ook moet genieten van de omgeving. Het uitzicht was werkelijk betoverend.

De temperatuur liep verder op. Opeens was de lijdensweg door het bos voorbij en doemde Chalet Reynard op. Vanaf dit oude skistation is het nog zes kilometer naar de top, wist ik. Er was geen boom meer die mij uit de wind kon houden. Ik ploeterde door, starend naar het asfalt. Er waren bemoedigende kreten en namen van renners op het wegdek gekalkt, die door de trillende lucht leken op te stijgen. Ik herinnerde me dat iemand tegen mij had gezegd dat ik naast het afzien ook moet genieten van de omgeving. Ik keek op en kreeg het warm van binnen. Het uitzicht was werkelijk betoverend. Een witgrijs maandlandschap dat afstak tegen de strakblauwe lucht. Ik kon het torentje op de top zien liggen en dat gaf moed. Ik zou boven komen, ik wist het zeker.

Wielrenmeisje Saskia: de Mont Ventoux beklimmen

De zon brandde op mijn huid. Mijn hartslag ging af en toe boven de 173, in het rood, en mijn benen begonnen langzaam vol te lopen. Ik kwam langs het monument van Tom Simpson. Tijdens een zeer warme zomerdag op 13 juli 967, met een temperatuur van 42°C, viel Simpson één kilometer voor de top van de berg van zijn fiets. Hij stond nooit meer op. Later werden er vier ongebruikte ampullen in zijn wielershirt gevonden. Het vermoeden is dat hij door een combinatie van hitte, uitdroging, alcohol en amfetamine is overleden. Enkele renners stonden voor het monument met hun helm in hun handen. Even dacht ik er over om ook af te stappen, maar ik besloot om toch door te rijden. Blijven trappen, blijven trappen, het einde was in zicht. Ik genoot van het afzien, het lijden, het uitzicht, het bloed dat door mijn aderen stroomde.

Blijven trappen, blijven trappen, het einde was in zicht.

Het laatste stukje naar de top was voor mijn gevoel het steilst. Of dat echt zo is of dat het maar zo leek, weet ik niet. Iemand riep mijn naam. Het was de student, die alweer aan het afdalen was. “Ik heb het gehaald, nu jij nog, zet hem op!” riep hij blij. Zijn aanmoediging gaf extra energie. Ik stond op in mijn pedalen en zette extra kracht. Zigzaggend ging ik langs de dagjesmensen en de auto’s (“Attention, attention!”), totdat ik uiteindelijk boven was. Het bordje met de tekst Sommet du Ventoux prijkte op de berg. Ik was er, wat een overwinning!

Nog een keer omhoog!

Wist je dat je via drie wegen de top van de Mont Ventoux kunt bereiken? Als je dat lukt op dezelfde dag en je kunt dat bewijzen met een gestempelde kaart, dan krijg je de fel begeerde titel Cinglé du Mont-Ventoux. Dit betekent “Malloot van de Mont Ventoux”. Nee hoor, ik ben helaas niet toegetreden tot dit illustere gezelschap. Wel ben ik de dag erna, op zondag, nog een keer omhoog gegaan, en deze keer via Sault.

Als je een keer de kans hebt om de Mont Ventoux te beklimmen, doe het dan. Het is een onvergetelijke ervaring die niemand je meer afneemt. Ik kijk nu al uit naar de volgende berg! Iemand suggesties?

De tweede keer de Mont Ventoux op gegaan, nu via Sault. Het spookt wel op deze berg! De eerste keer was er bijna geen wind en was de temperatuur nog prima, en nu was het opeens bloedheet en stormachtig. De teksten die op het wegdek van de berg waren gekalkt leken op te stijgen door de trillende lucht. De laatste twee kilometer kwam ik nauwelijks vooruit. Ik was op mezelf aan het schelden dat ik geen bergverzet op mijn fiets had gezet. Bij het monument van Simpson wilde ik even afstappen, maar ik deed het toch maar niet. Mijn benen waren verzuurd. Blijven peddelen, blijven peddelen. En ik was boven! Daar ging ik zitten in het enige schaduwplekje (bij de snoepkraam 🍬). Genieten van de overwinning en van het uitzicht, met een mooie afdaling in het vooruitzicht… 🌄 Nu al zin in de volgende berg! Iemand suggesties? #workhardbeproud

A post shared by Saskia van Dijke (@wielrenmeisje) on

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *